Reuzenbalsemien
Allereerst een overzicht van enkele belangrijke kenmerken
· Latijnse naam: Impatiens glandulifera Royle
· Hoogte: tot 2,5 meter
· Levensduur: eenjarig
· Bloeitijd: juli t/m oktober
· Wortels: stengelvoet met steltwortels
· Bladeren: de tegenoverstaande of in kransen van 3 tot 5 zittende bladeren zijn langwerpig, toegespitst en scherp getand met rode punten op de zaagtanden
· Bloemen: rozewit, soms rood of wit, van binnen gevlekt en 2,5 tot 4 cm groot, in pluimen met 2 tot 15 bloemen op rechte, schuin omhoog staande stelen
· Vruchten en zaden: Eén plant kan 2.500 tot 4.000 zaden produceren, waarvan circa 80% uitloopt. De zaden kunnen tot 7 meter van de plant kunnen wegschieten als de rijpe vrucht zich opent en overleven tot maximaal 18 maanden.
· Herkomst: Reuzenbalsemien is afkomstig uit de Himalaya, waar hij groeit op een hoogte van 1800 tot 4000 meter. Begin negentiende eeuw werd de soort in Nederland als tuinplant geïntroduceerd en de afgelopen decennia is deze op veel plaatsen verwilderd. Reuzenbalsemien komt op steeds meer plaatsen in Nederland algemeen voor.
· Reuzenbalsemien heeft een sterk regeneratief vermogen. Afgemaaide stengels kunnen opnieuw uitgroeien en tot bloei komen. Ook relatief kleine individuen produceren bloemen en zaden.
· De soort is intolerant voor vorst en droogte, maar relatief schaduw-tolerant. De individuen verwelken snel en kunnen alleen overleven als de periode van droogte van korte duur is.
Waarom bestrijden?
Reuzenbalsemien is een bedreiging voor de lokale vegetatie en biodiversiteit. De snelle zaadverspreiding in combinatie met een grote aantrekkingskracht op bestuivers maakt de soort zeer concurrentiekrachtig ten opzichte van inheemse plantensoorten. Reuzenbalsemien kan door de explosieve groei zeer dichte opstanden vormen en daardoor niet alleen inheemse plantensoorten verdringen en verstikken, maar ook de fauna die erin leeft. Naast negatieve ecologische effecten kan reuzenbalsemien ook economische schade veroorzaken. Zo kunnen oevers van beken en rivieren en andere taluds met dichte opstanden van reuzenbalsemien erosiegevoelig en instabiel worden. Plantensoorten en grassen die voor de stabiliteit van de oevers zorgen, kunnen zich op deze plekken namelijk moeilijk handhaven. Reuzenbalsemien heeft een beperkt wortelstelsel dat in de winter afsterft, waardoor de grond slecht wordt vastgehouden.
Bestrijding in de praktijk
De strategie voor het bestrijden van reuzenbalsemien is relatief eenvoudig, doordat het zaad hooguit 18 maanden (maar meestal korter) zijn kiemkracht behoudt. Er ontwikkelt zich dus geen langlevende zaadbank. In principe de bestrijding daarom beperkt blijven tot één jaar van intensieve bestrijding gevolgd door twee jaren van controles en beperkte bestrijding. Door het grote regeneratievermogen en de effectieve verspreiding is het verwijderen van reuzenbalsemien arbeidsintensief. Omdat de soort zich zeer effectief via water verspreidt, heeft de bestrijding van populaties langs waterwegen voorrang. De timing van bestrijdingsmaatregelen is van groot belang. Als deze te vroeg worden uitgevoerd kunnen de planten regenereren en als te laat wordt begonnen zal het nieuw gezette zaad in staat zijn te ontkiemen. Afhankelijk van de groeiomstandigheden in het voorjaar, zal de bestrijding tussen eind mei en eind juni moeten plaatsvinden. Alle exemplaren moeten gedurende het gehele groeiseizoen worden verwijderd. Bij kleine hoeveelheden planten (<200) is handmatig uittrekken de meest efficiënte methode gevolgd door maaien. Reuzenbalsemien is redelijk eenvoudig met de hand uit te trekken, doordat het wortelstelsel oppervlakkig en beperkt van omvang is. Bij grotere populaties zijn machinaal maaien en inunderen de meest efficiënte methoden. De vegetatie moet zeer kort bij de grond worden afgemaaid, reuzenbalsemien die te hoog is afgesneden, beschadigd of platgedrukt, kan gemakkelijk opnieuw uitgroeien. Bij voorkeur wordt gewacht met maaien tot net voor de zaadzetting, om de kans op noodbloei zo klein mogelijk te maken. Tijdens het groeiseizoen is reuzenbalsemien slecht bestand tegen inundatie, met name tijdens en net na ontkieming van de zaden. In de winter is de soort hier echter prima tegen bestand. Het inunderen van terreinen waar de soort voorkomt kan de aantallen aanzienlijk verminderen. Begrazing en chemisch behandelen kunnen ook worden ingezet, maar zijn respectievelijk minder geschikt en minder gewenst dan maaien en inunderen. Tot op heden is er nog geen bruikbare biologische bestrijder van reuzenbalsemien gevonden.
Deze tekst is een samenvatting van de uitkomsten van een project dat Probos in 2011 heeft uitgevoerd. Dit heeft geresulteerd in een rapport en een praktijkgids. Het rapport 'De bestrijding van invasieve uitheemse plantensoorten’ (oktober 2011) is te downloaden van de website van Probos (
link) en de praktijkgids ‘Invasieve plantensoorten, handreikingen voor het beheer’ is voor € 7,50 te bestellen bij Probos (mail@probos.nl; 0317-466555).
{discussion}
Reageren